Nederlands Kampioenschap Regenboog

16 - 19 augustus 2007

 

Kort na de jaarlijkse zeilkermis, die Sneekweek heet, vertrok het regenboogcircus opnieuw naar het hoge noorden. Nu voor het serieuze werk; het Nederlands Kampioenschap. Geen nachtelijke expedities deze keer naar “de Draai” of de occasion bar. Ook niet de bijna onvermijdelijke en bijna gebruikelijke rivaliteit tussen de Friezen en de Hollanders, veroorzaakt door het traditionele teamzeilen. Nu ieder voor zich in de strijd naar de belangrijkste prijs van het jaar, de felbegeerde blauwe wimpel waarmee de kampioenen van het jaar 2007 op het startschip van de KWS zouden kunnen rekenen bij voldoende geldige wedstrijden.

 

Zo kort na de hektiek van de Sneekweek is het nauwelijks voor te stellen dat de regenboogclub bijna exclusief het starteiland inclusief het uitstekende wedstrijdcomité van de KWS, de Roekepolle, starttoren en rubberboten, de voltallige brigade van het “it foarunder” alsook het complete arsenaal Oostblokappartementen van het Paviljoen lijkt te hebben geclaimd. Het restaurant van het Paviljoen heeft nu duidelijk te lijden onder het afgenomen animo van zeilers om getuige te kunnen zijn van een welverdiende nominatie voor het RTL programma van tv-kok Den Blijker “Herman helpt”. Sneek blijkt twee gezichten te hebben en die serieuze kant bevalt ook prima!

 

Keuren en meten verloopt ongelofelijk soepeltjes. Nergens plamurende ploeteraars vechtend tegen holle lijnen of rood aangelopen eigenaren met te weinig spanten en knietjes. Zelfs de zeilmakers hoeven ’s nachts niet achter de naaimachines wat zeker goed uitkomt voor een van de hofleveranciers, want Willen Nico haalt dat nooit heen en weer naar zijn loft en ik verdenk Joost ervan niet eens een eigen echte naaimachine te hebben… Op alles voorbereid had Joost wel een ander attribuut meegebracht; een bubbelbad, waarschijnlijk bedoeld om er tevreden klanten door te krijgen, hetgeen als een hele frisse marketing strategie kan worden aangemerkt. De eerste avond een hapje in de Hindelooper Kamer. Degene die het erg druk had was Frank Tol, die de top-5 noteringen met bijbehorende inzetten tot ín ons restaurant wist te scoren.  Op tijd naar bed, klaar voor de strijd tegen de muggen en ,de volgende dag, een stuk of 38 andere regenboog teams.

 

Donderdag

De eerste wedstrijddag de bekende nerveuze stemming. Veel wind, dus een wat nors kijkende Jan van Staveren en een goedgemutste Maurice, die de wimpel nog wel een keertje om de schouders wilde voelen en Hettinga al voorbereidde op een geheel vrijwillige duik na de prijsuitreiking, want er is geen hond meer te vinden die zo’n kompleet booreiland in de plomp helpt te duwen. Jan van Staveren had, als geheim wapen, een beroemde zeezeiler bij zich; Hans Bousscholte. Voor buitenduinse zeilers een grootheid van de eerste orde, maar bij de regenbogers kijkt geen hond op van een paar decennia olympische ervaring, laat staan een paar klinkende oceaan prestaties en snelheidsrecords. De zenuwen van de eerste dag werden extra op de proef gesteld door een door materiaalpech veroorzaakte vertraging. De sputpaal van het startschip zat ruim een meter in de bodem van het Sneekermeer en de kabel bleek gebroken. Wedstrijdleider Jan kreeg in recordtijd voor elkaar dat een boot met kraan langszij kwam om de zaak weer te fiksen. Uiteindelijk na een paar uur uitstel het water op, maar toch teveel wind en dus weer terug naar het starteiland. Iedereen weer verdacht snel retour naar de Oostblok appartementen en moederschepen; de volgende dag werden 4 wedstrijden gepland, dus bier en J&B werden matig verkocht.

 

Vrijdag

Eindelijk aan de slag. Met nog steeds een poep wind, en een wonderlijke maar door Rob uitstekend gespotte gunstige rechterkant; Rob 1, Plakkie 2 en, de grote verrassing van deze serie, de toen nog nét veertiger Eric de Nes met een 3e plaats. Tweede pot bleek mijn voor veel geld ingehuurde tacticus Peter Peet zijn poen waard; wij 1, Eric (ja, ik zei het toch al) 2 en nu goed op dreef Mark 3. De derde wedstrijd, na de vlot geserveerde (hier hoeft Herman niet te helpen) lunch was voor Maurice, die de zenuwen als titelhouder de baas bleek. Henk Bergsma kwam nu ook goed uit de startblokken en Willem Nico wist nu ook wat die rare shifts op zijn meer deden. Tweede plek dus met … Eric de Nes op de 3e plek! Inmiddels waren we allemaal een beetje kapot en duizelig van zoveel rondjes varen. Het comité hield echter vol en nog net zonder navigatieverlichting aan volbrachten we onze vierde pot van deze dag. Helemaal uit Willemstad, Curacao was Harmen overgekomen en zorgde ervoor dat op radio Sina Sang Suria (hier Sonnestraal radio, ik weet het zeker denk ik jonguhs, onse Harm gaat lekkerrrr) het grote nieuws te horen was dat hij die bleekscheten zijn poepert had laten zien. Plakkie 2 en Rob een 3e plek.

 

’s Avonds hét grote kampioensfeest onder bezielende leiding van de bijna in zijn uppie alles regelende Douwe. Dat viel niet mee, voor Douwe, want ondanks de leuke band vielen zo hier en daar wat zeilers voorover in slaap in hun Grieks-Italiaanse hap (hier had Herman nog wel een paar tips kunnen geven). Deze avond werd het verschil duidelijk tussen Lustrum, Kaagweek en Sneekweek, waar ogenschijnlijk bijna niemand naar bed gaat en de kampioenschappen, waarbij in een bejaardenhuis nog meer te beleven valt dan met deze plotseling bloedserieuze zeilers.

 

Zaterdag

De combinatie Grieks/Italiaans van de vorige avond genereerde meer dan voldoende wind, maar wel met veel shifts. Douwe en Kees Barnhard demonstreerden beiden, dat ze zich na een matige notering van in de dertig bootjes aansluitend mentaal volledig herstelden door hun volgende race in de top te excelleren. Mark had een absolute topdag. Rob en Harmen waren iets te gretig bij de derde race en Michael was in deze solidair met de zwarte vlag van zijn vader. Aan vier wedstrijden op een dag begon de vloot nu te wennen en de verschillen in de top tien waren nog steeds erg klein. Mark had nog geen enkele echte “deuk”gevaren en nam per race meer afstand op de concurrentie. De poule van Frank kende steeds meer kansloze goklustigen voor de pot, omdat bijvoorbeeld grote favorieten als Jan en Maurice tegen een paar puntjes teveel op liepen. De zwarte vlag voor Rob betekende dat hij zich geen slecht resultaat meer kon veroorloven en ook Harmen, die erg knap alle races bij de eerste tien had gevaren, kon geen extra punten meer gebruiken. De zaterdagavond was weer een unieke happening. Eerst een receptie op de steiger om te vieren dat Inge (van Kees) ietsje, maar niet zichtbaar, rijper was geworden en aansluitend een ongekend aantal genodigden aan boord van de Croix du Sud. Anita had de hele dag in het kombuis staan te wokken, maar had nog nét op tijd iets gezelligs aangetrokken om de hele vloot en alle officials aan boord te verwelkomen en een inmiddels traditionele oosterse maaltijd aan te bieden. Gelukkig had Rob extra tentjes inclusief  tap op de wal laten aanrukken, want zelfs de zo kloeke Croix du Sud zou het decor van de Titanic hebben gevormd, wanneer iedereen zou hebben volhard in een verblijf aan boord. Heel bijzonder, dit traditionele initiatief van de familie de Kraa, dat ertoe bijdraagt, dat zeilen in een regenboog met niets te vergelijken is! Diezelfde avond kreeg de firma Kampschreur nog de opdracht voor het leggen van een nieuw wit (!) tapijt in de salon…

 

Zondag

Na de eerste race grote blijdschap aan boord van de 144. Mark, Gerard en Pieter konden aan de champagne. Voor de anderen in de top tien bleef het ongekend spannend. Rob, Maurice, Eric, Jan, Peter, Henk en ik streden voor de overgebleven podiumplaatsen. Henk prolongeerde zijn tweede plaats van vorig jaar en Michiel, Peter en ik hadden de zeildag van ons leven om nog op zijn reet onze derde plek van vorig jaar te evenaren. Een zonnig slot op het grasveld voor it Foarunder, het natte pak voor de kampioenen, een vaatje bier om toch vooral monter aan de terugreis te kunnen beginnen, het was weer een waar spektakel, met, zoals Frank Tol het uitdrukt, een waardige kampioen, die iets langer op zeilen zit dan de meesten van ons.

 

Frans Sluyters